Bubble Hero voor één dag

Het jonge, Gentse koerierbedrijf Bubble Post groeit als kool en krijgt miljoenen toegestopt van investeerders. De Tijd fietste één dag mee met de ‘Bubble Heroes’, ecologische fietskoeriers die de auto uit de stad halen.
Bron: De Tijd

Het Gentse magazijn van Bubble Post, een wat afgeleefd pand aan de stadsrand, doet niet meteen denken aan het zenuwcentrum van een snel groeiende logistieke speler. Maar schijn bedriegt. Vanuit dit soort magazijnen bezorgen de bijna 40 koeriers - Bubble Post noemt ze Bubble Heroes - zo’n 13.000 pakjes per week in negen Vlaamse steden waaronder Gent, Brussel en Antwerpen.
Vorige week haalde Bubble Post in een nieuwe kapitaalronde 2,35 miljoen euro op, boven op een eerdere investering van PMV van bijna 1 miljoen euro. Met het verse geld willen CEO Benjamin Rieder en zijn medestichters Michel De Waele en Anthony Viaene van start gaan in Wallonië. Ook vijf Nederlandse steden, waaronder Amsterdam, en Barcelona moeten weldra voor de bijl.
Rieder rolde meteen van de schoolbanken de ondernemerswereld in. ‘Ons eerste project, Bubble Taxi, personenvervoer per fietstaxi, ontstond ook uit onze frustratie over mobiliteit. Maar die fietstaxi’s evolueerden meer naar een marketingbedrijf. Qua mobiliteitswinst was het effect nul. Erger nog, op den duur zetten we elk weekend zes fietstaxi’s op een vrachtwagen om van het ene evenement naar het andere te rijden.’

13.000 
De 35 koeriers van Bubble Post leggen dagelijks zo’n 2.100 kilometer af en bezorgen 13.000 pakjes per week.

Lokale handelaars suggereerden echter die fietstaxi’s in te zetten voor het vervoer van goederen. ‘Toen merkten we dat we auto’s uit de stad haalden’, vertelt Rieder enthousiast. ‘Een bestelwagen inzetten om zeven taarten te bezorgen? Dat houdt geen steek, met het drukke verkeer ben je uren onderweg. Met onze fietsen deden we dat in een kwartiertje en tegen een veel lagere kostprijs. Zo ging de bal aan het rollen.’
The last mile
Vandaag bedient Bubble Post klanten als de horecaleverancier ISPC, de pakjesbezorger FedEx en de onlineshop Vente-Exclusive. Zij huren de ecologische koeriers in voor de fameuze ‘last mile’, het laatste stukje van de logistieke keten waar de meeste tijd en kosten verloren gaan. Rieder: ‘Voor sommige klanten maakt die laatste mijl tot 75 procent van de logistieke kostprijs uit.’
Door Bubble Post in te huren maken die klanten de keten efficiënter. ‘De laadruimte van onze cargofietsen evenaart die van een kleine bestelwagen. We moeten dus evenveel bijladen. Maar omdat we in de binnenstad veel sneller opschieten en we niet moeten tanken, zijn we veel efficiënter. Voor grote klanten betekenen we een besparing van 5 tot 6 procent. Dat lijkt niet veel, maar op grote volumes scheelt dat een slok op de borrel. Voor gekoelde producten kan de besparing oplopen tot 60 procent.’

Maar de winst zit niet alleen in de snelheid waarmee de koeriers door de stad fietsten. ‘We zijn evenzeer logistieke speler als technologiebedrijf’, gaat Rieder voort. ‘Onze slimme software is de kern waardoor we veel sneller kunnen leveren. Dat systeem kiest de beste samenstelling van de cargo’s en de te volgen route. Maar het grootste verschil met andere spelers is dat we onze klant kennen. Via ons IT-systeem kunnen mensen kiezen wanneer we langskomen. Zo staat de pakjesbezorger niet voor een gesloten deur. Wees maar zeker dat de Zalando’s, Coolblues en Bol.coms van deze wereld allemaal op zoek zijn naar efficiëntere bezorgingsmethoden. De kwaliteit van aanlevering zal steeds belangrijker worden in een markt waar e-commerce steeds groter wordt.’

Benjamin Rieder (l.), Michel De Waele (m.) en Anthony Viaene, de drie oprichters van Bubble Post. © Emy Elleboog

Benjamin Rieder (l.), Michel De Waele (m.) en Anthony Viaene, de drie oprichters van Bubble Post. © Emy Elleboog

Bijtrappen
Om het businessmodel van Bubble Post te testen fietsen we een ronde mee met ‘Bubble Hero’ Jan. Jammer genoeg niet met een elektrische cargofiets. ‘Die dingen kosten 9.000 euro per stuk en hebben een laadvermogen van 300 kilogram. Daar doe je beter geen accidenten mee’, grijnst Rieder.
Nadat dispatcher Simon de gps-route naar Jans smartphone heeft gestuurd, rijden we het magazijn uit. Meteen blijkt dat we ons beste beentje moeten voorzetten. De cargofietsen van Bubble Post zijn begrensd op 25 kilometer per uur, maar zijn uiterst wendbaar en hebben een stevige acceleratie in huis. Het is stevig bijtrappen met onze stadsfiets. Nog geen vijf minuten later doen we onze eerste ‘drop’, fietskoerierjargon voor het bezorgen van een pakje.
Het valt op dat de Gentenaar niet meer opkijkt van de grote bakfietsen van Bubble Post. ‘In het begin hadden we veel bekijks, maar nu is men het gewend’, zegt Jan. ‘Voor de mensen aan wie we pakjes bezorgen, maakt het ook niet uit of hun pakje met een bestelwagen of een fiets geleverd wordt. Als het er maar op tijd is.’ De ‘Bubble Heroes’ zijn zelfs graag gezien. ‘We storen minder dan vracht- of bestelwagens die vaak dubbel parkeren om hun waar uit te laden. Dat zal je bij ons nooit zien.’
Even later duikt een eerste hindernis op. Aan de Recollettenlei blokkeert een politiecombi de weg. Meteen vormt zich een rij toeterende chauffeurs. Fluks duikt Jan een fietsdoorgang en vervolgens een eenrichtingsstraat in. ‘Met mijn bakfiets mag ik alles wat een fietser mag. Een bestelwagen verliest hier kostbare tijd, maar wij kunnen gebruikmaken van fietspaden en eenrichtingsstraten om een betere route te vinden. Ook parkeren is nooit een probleem.’

Op weg met fietskoerier Jan. Geen Gentenaar die nog raar opkijkt van de cargofietsen van Bubble Post. Het zenuwcentrum van Bubble Post, waar de pakjes gesorteerd en gebundeld worden, ligt in de stadsrand. © Emy Elleboog

Op weg met fietskoerier Jan. Geen Gentenaar die nog raar opkijkt van de cargofietsen van Bubble Post. Het zenuwcentrum van Bubble Post, waar de pakjes gesorteerd en gebundeld worden, ligt in de stadsrand. © Emy Elleboog

9 kilometer en 20 ‘drops’ later rijden we het pakhuis aan de rand van de stad weer binnen. Een dik uur fietsen door de zonovergoten Gentse binnenstad, we kunnen ergere jobs bedenken. ‘De weersomstandigheden zitten niet altijd mee’, lacht Jan. ‘Motregen is niet zo aangenaam, en in de winter vallen de batterijen van de bakfiets soms uit door de kou. Dan zijn het zware uren op de fiets.’ De koeriers van Bubble Post leveren ook niet alleen pakjes. Ze slepen met bierbakken, vullen gratis magazinestands aan en hervullen de grote Sipwell-watercoolers in kantoren. ‘Soms dragen we die 20 kilogram zware tanks tot vier verdiepingen hoog.’
‘Volume is nodig om er een rendabele business van te maken’, legt Rieder uit. ‘Net daarom willen we zo snel uitbreiden. Hoe meer steden we kunnen bedienen, hoe meer klanten als de koffieketen Nespresso we kunnen binnenhalen. Voor hen is het belangrijk dat ze geen logistieke afsplitsing moeten maken voor één stad. Het gros van onze klanten zijn bedrijven die in heel Europa met een mobiliteitsprobleem kampen.’

Kapitaalronde
Rieder en zijn kompanen investeerden in 2012 al het spaargeld dat ze hadden in Bubble Post. Tot een jaar geleden zaten de drie nog iedere dag zelf op de fiets. ‘Maar daar is vandaag geen tijd meer voor. Het managen van de expansie en de recente kapitaalronde slorpen ook veel te veel energie op.’

Die kapitaalronde was broodnodig voor de groei van Bubble Post. ‘Onze koeriers staan allemaal op de loonlijst. We gaan niet mee in het spel van andere koerierbedrijven die werken met schijnzelfstandigen om de kosten per bezorging te drukken. Onze koeriers worden goed betaald. Enkel op piekmomenten werken we met tijdelijke contracten.’
‘Daardoor is dit een heel kapitaalintensieve business’, gaat Rieder voort. ‘We groeien 30 à 40 procent per maand. Dat betekent dat we onze loonkosten telkens evenredig zien stijgen. Maar onze klanten betalen maar op 90 dagen. Er is dus een grote nood aan werkkapitaal.’
Ook het rollend materieel kost pakken geld. ‘We hebben twee banken gevonden die de fietsen en onze elektrische bestelwagens aan ons willen leasen. Maar ook dat had wat voeten in de aarde. Voor je een bank ervan overtuigt zo’n elektrische fiets, en zeker tien, voor jou te kopen, moet je wel wat bewezen hebben. Dat financiële model moest echt op poten staan voor we nog maar aan expansie durfden te denken.’